Paard geleverd

12 februari 2020

Feitelijk of juridisch?

Een amazone kocht een prachtige hengst voor de dressuursport. Maar al vanaf zijn aankomst op stal bij de amazone zouden er problemen zijn. Het paard zou happen naar de flanken, slaan en bokken, gevaarlijk gedrag dus. Daarnaast had hij irritatie op de huid, chronische pijnen, brokkelende hoeven en gewichtsverlies. Kortom er mankeerde nogal wat, volgens de amazone. Zij sprak de verkoper aan en vorderde de koopsom terug omdat het paard niet geschikt zou zijn voor de dressuursport en dus niet voldeed aan de overeenkomst. De zaak kwam bij de rechter.

Daar moest de amazone bewijzen dat het paard niet geschikt zou zijn voor de dressuursport. Dat betekent dat zij moest aantonen dat het paard al bij de levering niet voldeed, dus niet pas daarna want dan zou het voor haar eigen rekening en risico komen. Maar er werd getwist over de vraag wanneer dat paard werd geleverd. Er is namelijk een verschil tussen feitelijk en juridisch leveren. Bij de feitelijke levering wordt het paard in levende lijve overhandigd en bij de juridische levering gaat het risico voor het paard over naar de nieuwe eigenaar. Je kunt dus juridisch leveren zonder het paard feitelijk te leveren.

De amazone zei dat het paard medio augustus 2017 was geleverd, want toen werd hij naar haar stal gebracht. De verkoper zei dat de levering al eerder plaats vond, namelijk medio juli 2017 omdat het paard toen is betaald en op kosten van de amazone door de verkoper nog gedurende een maand bij hem op stal is verzorgd.

De rechter oordeelde dat als moment van levering geldt het moment waarop de verkoper de macht over het paard heeft overgedragen aan de amazone en de amazone de macht ging uitoefenen. Dat was in dit geval medio juli 2017: het moment dat het paard was betaald en – belangrijker - de amazone zich als eigenaar ging gedragen. De verkoper heeft sinds die datum de instructies van de amazone opgevolgd. De verkoper had zelfs in opdracht van de amazone het paard laten castreren. De amazone had de kosten van boxhuur, voer, verzorging en de castratie betaald.

De rechter oordeelde zelfs dat de afspraak in de koopovereenkomst dat het paard voor risico van de verkoper zou blijven tot het moment van feitelijke levering, niet tot een ander oordeel leidde over het moment van levering.

Rechtbank Gelderland 24 november 2019, ECLI:NL:RBGEL:2019:6250